Breng mij naar het informatiepaneel!


Op 11 januari 1944 vertrok een bommenwerperformatie van 372 B-17 Flying Fortresses en B-24 Liberators voor een aanval op de Duitse vliegtuigfabrieken in Braunschweig. Al snel na het opstijgen, verslechteren de weersomstandigheden boven de Engelse vliegvelden van de 2nd Bomb Division. Hierdoor werd de hele 2nd Bomb Division, en een groot deel van de 3rd Bomb Division, teruggetrokken van de missie. De overgebleven toestellen bombarderen veelal ‘targets of opportunity’. Door het weer werd ook maar een fractie van de geplande escortes gestuurd. Het is onbekend hoeveel.

Een ‘target of opportunity’ is een doelwit waarop van te voren een aanval niet gepland is en dat wordt aangevallen bij een gunstige ontdekking van dit doelwit.

B-24H 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’ was een van de weinige toestellen die door kon gaan met de missie. Het toestel was samen met 24 andere toestellen van 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group opgestegen van vliegbasis RAF Seething. Deze groep bombardeerde on 12:02 uur Meppen als ‘target of opportunity’.

De complete bemanning van B-24H 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’

Staand v.l.n.r.: Alden P. Anthony, James E. Urban, Stanley Friedman en Fred Brenner.

Knielend v.l.n.r.: Howard M. Smith, George Petula, Joseph B. Deffner, Roy D. Barber, John J. Kelly en Wendell R. McClellan

Voor meer informatie over de bemanning van B-24H 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, klik op onderstaande uitvouwbare balk.

James Egnatius Urban werd geboren op 25 september 1919 te Pittsburg, Pennsylvania, als zoon van Mr. en Mrs. Eva Urban. Eén of beide ouders waren waarschijnlijk immigranten uit Duitsland of Polen. Het gezin verhuisde later naar Michigan. 

James volgde zijn onderwijs aan Big Bear Lake Highschool, te Irons Michigan. Hierna ging hij werken bij een autofabriek in Detroit.

Op 16 oktober 1940 werd James gekeurd voor militaire dienst. Hij meldde zich op 27 december 1941 aan en werd toegelaten. Hij volgde eerste een korte opleiding aan de Air Corps Technical School te Sheppard Field, Texas, waar hij werd opgeleid tot mecanicien. Hier was hij toebedeeld aan 417th Technical School Squadron, waar hij zijn diploma in juni van dat jaar haalde. 

Na een korte inleidende opleiding te Avenger Field, Sweetwater, Texas voltooid te hebben, begon James in december van 1942 aan zijn vliegeropleiding te Goodfellow Field, San Angelo, Texas in klas 43D.

Klas 43D met linksonder James

In april 1943 slaagde James voor zijn pilotenopleiding en werd hij bevorderd tot Lieutenant. Hij kreeg identificatienummer 'O-676878'. In augustus van dat jaar begon James aan zijn opleiding als piloot van een zware bommenwerper, dit te Wendover Field, Utah.

Uiteindelijk vormde James zijn bemanning, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog James met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van James wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

James werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

In het museum Ergens in Nederland 1939-1945 zijn verschillende persoonlijke spullen van James te bezichtigen.

Alden Phillip Joseph Anthony werd geboren op 13 juni 1920 als zoon van Aloysius Philip Anthony en Katherine Kate McCraith te Cleveland, Ohio. Alden was de jongste van zes kinderen; hij had vier zussen, Carmelita (1902), Katherine (1903), Catherine (1903) en Rita (1914). Ook had Alden één broer: Allen (1911).

Na zich aangemeld te hebben voor bij de Amerikaanse luchtmacht werd Alden opgeleid tot piloot. Hij kreeg uiteindelijk identificatienummer 'O-808492'.

Uiteindelijk voegde Alden zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog Alden met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Alden in zijn vliegersuniform

Tijdens de laatste missie van Alden wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

Alden werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

Fred Brenner werd geboren op 29 september 1919 als zoon van Elias en Goldie Brenner te New York City. Fred had twee zusjes: Gladys (1922) en Edith (1928).

Fred volde zijn onderwijs aan St. John's University, waarna hij ging werken als verkoper.

Op 9 april 1942 aanmeldde Fred zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten, waarna Fred kon beginnen aan zijn opleiding tot navigator. Uiteindelijk kreeg hij identificatienummer 'O-687928'.

In augustus 1943 voltooide Fred zijn opleiding tot navigator in Texas.

Krantenknipsel van het voltooien van zijn navigatoropleiding, Fred tweede van links, 26 augustus 1943

Uiteindelijk voegde Fred zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland.

Hierover zei Fred het volgende: "Ik heb de behoefte om mee te doen aan deze oorlog en het achter de rug te hebben. We hebben werk te doen om deze wereld beter te maken. Zolang Amerika me nodig heeft, zoals ik erover denk, ben ik blij om te gaan. We komen terug - als overwinnaars!"

Eenmaal in Engeland werd Fred toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog Fred met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van Fred wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

Fred werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

Stanley Friedman werd geboren in 1921.

Aan het einde van 1942 meldde Stanley zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht, waarna hij in begin november 1942 vertrok naar de Army Air Force Classification Center te Nashville, Tennessee. Hier begon hij aan zijn opleiding tot bommenrichter. Na het afronden van deze opleiding werd Stanley bevorderd tot Lieutenant en kreeg hij identificatienummer 'O-688184'. 

Uiteindelijk voegde Stanley zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog Stanley met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van Stanley wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

Stanley werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

Wendell Robert 'Bobby' McClellan werd geboren op 1 februari 1922 als zoon van Renick Kinnard McClellan en Mary Callie Nipper te Bowie, Texas. Bobby had twee broers, Albert (1912) en Woodrow (1917), en één zus, Mary (1920).

Bobby volgde zijn onderwijs aan Bowie High School.

De schoolfoto van Bobby, 1940

Bobby trouwde op een nog onbekende datum met Edna Faye Harris. Samen kregen zij één zoon, Wendell Robert McClellan II, die werd geboren op 12 juli 1943.

Na zich aangemeld te hebben voor bij de Amerikaanse luchtmacht werd Bobby opgeleid tot radiotelegrafist. Hij kreeg identificatienummer '38285507'.

Uiteindelijk voegde Bobby zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog Bobby met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van Bobby wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

Bobby werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

Howard Myron Smith werd geboren op 12 maart 1913 als zoon van Earl Myron Smith en Clara McCrory. Howard had één zus, Mildred (1911).

Het gezin verhuisde als snel naar Shelby, Iowa.

Na zijn opleiding voltooid te hebben ging Howard voor zichzelf werken en runde hij een servicestation van Standard Oil.

Op een gegeven moment meldde Howard zich aan voor bij de Amerrikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen met zijn opleiding tot boordwerktuigkundige. Hij kreeg identificatienummer '17038532'.

Uiteindelijk voegde Howard zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog Howard met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van Howard wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

Howard werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

Joseph Bernard Deffner werd geboren op 28 februari 1914 als zoon van Emil Joseph Deffner en Catherine Brothers te Batavia, New York. Joseph had één oudere zus: Helen (1902).

Joseph was geliefd in de gemeenschap en speelde een vooraanstaande rol binnen het baseball team.

Op een gegeven moment meldde Joseph zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten en begon hij aan zijn opleiding tot boordschutter. Hij kreeg identificatienummer '32675587'.

Uiteindelijk voegde Joseph zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog Joseph met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van Joseph wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

Joseph werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

Roy Daysel Barber werd geboren op 21 november 1922 als zoon van Marion Blanchard Barber en Annie Lou Files te Mississippi. Roy was het oudste kind van vijf: hij had vier jongere zussen, Addie (1925), Dovie (1927), Betty (1933) en Martha (?). Later verhuisde het gezin naar Winter Haven, Florida.

Na drie jaar onderwijs gevolgd te hebben meldde Roy zich op 23 januari 1941 aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding tot boordschutter. Hij kreeg identificatienummer '14040228'.

Uiteindelijk voegde Roy zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog Roy met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van Roy wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

Roy werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

George Petula werd geboren op 16 maart 1923 als zoon van Katherine Petula (vermoedelijk geboren in Oostenrijk) te Yonkers, New York.

Na zijn onderwijs ging George werken bij Velvet Weaving Department, waarna hij zich in december 1942 aanmeldde voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding tot boordschutter. Echter volgde George eerst een opleiding tot mecanicien op een B-24 Liberator te Keesler Field, Mississippi. George kreeg identificatienummer '12183208'.

Uiteindelijk voegde George zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog George met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van George wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

George werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

John J. Kelly werd vermoedelijk geboren in Kings County, New York. John had vermoedelijk tenminste één broer: Thomas Kelly.

Na zich aangemeld te hebben voor bij de Amerikaanse luchtmacht werd John opgeleid tot boordschutter. Hij kreeg identificatienummer '32782047'.

Vermoedelijk trouwde John op 23 januari 1943 met Marie Beverly Becker. Na de trouwerij ging John weer terug naar Camp Davis waar hij bezig was met zijn opleiding.

Uiteindelijk voegde John zich bij de bemanning van James Egnatius Urban, en vloog hij in B-24 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’, zijn negen bemanningsleden en vier passagiers richting Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 713th Bomb Squadron, 448th Bomb Group dat gestationeerd was op RAF Seething in Engeland. Vanaf hier vloog John met zijn bemanning meerdere missies tegen Duitsland.

Tijdens de laatste missie van John wist hij het toestel niet tijdig te verlaten, en kwam bij de crash om het leven.

John werd voor zijn daden onder anderen onderscheiden met een Purple Heart.

Nog op de heenweg werd B-24H 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’ aangevallen door verschillende Duitse Bf 109G-jagers van II. Gruppe, Jagdgeschwader 27. Als gevolg van de aanval van deze Duitse jachtvliegtuigen brak een van de vleugels van B-24H 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’ af. Hierdoor raakte het toestel onbestuurbaar en viel het naar beneden.

Siebrand Dekker, lokale postbode vertelde het volgende: “Toen wij aan het eten waren, vlogen er weer een club van acht stuks. Ik ga kijken en ja hoor, daar komt er één naar beneden waggelen of dwarrelen. Het is de eerste machine die ik gezien heb naar beneden komen. De vleugel was er af, daarom dwarrelde hij ook zo raar. Hij is in de staatsbossen bij Exloo terechtgekomen.

B-24H 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’ werd mogelijk neergeschoten door Oberleutnant Wilhelm ‘Willi’ Kientsch van 6. Staffel, Jagdgeschwader 27. Hij claimt op 11 januari 1944 een B-24 ten oosten van Assen als zijn 53e ‘Abschuß‘.

Ook de heer H. Kamst zag het gebeuren: “Ik direct op de fiets er naar toe, maar in de bossen werden we door een Nederlandse SS-er tegengehouden. De volgende dag zijn we wel gaan kijken; de hele bemanning was dood, de meeste lijken zaten nog in het toestel, half verkoold. Van andere bemanningsleden lagen her en der lichaamsdelen verspreid. Deze hebben er dagen gelegen: van de Duitsers mochten ze niet worden opgeruimd. Na enkele dagen wist de dominee uit Odoorn gedaan te krijgen dat de omgekomen vliegers mochten worden begraven op het kerkhof van Odoorn.” Dit gebeurde op 13 januari 1944, waarbij niemand aanwezig mocht zijn.

De wrakdelen vielen in de bossen bij Exloo neer, waar de deze nog hevig doorbrandden. Bij de crash kwamen alle bemanningsleden om het leven.

Laten we de herinnering levendig houden aan wat Second Lieutenant James Egnatius Urban, Second Lieutenant Alden Phillip Joseph Anthony, Second Lieutenant Fred Brenner, Second Lieutenant Stanley Friedman, Staff Sergeant Wendell Robert ‘Bobby’ McClellan, Staff Sergeant Howard Myron Smith, Staff Sergeant Joseph Bernard Deffner, Technical Sergeant Roy Daysel Barber, Staff Sergeant George Petula en Staff Sergeant John J. Kelly voor onze vrijheid deden.

James E. Urban

Piloot

KIA

Alden P. Anthony

Co-piloot

KIA

Fred Brenner

Navigator

KIA

Stanley Friedman

Bommenrichter

KIA

Wendell R. McClellan

Radiotelegrafist

KIA

Howard M. Smith

Boordwerktuigkundige

KIA

Joseph B. Deffner

Buikkoepelschutter

KIA

Roy D. Barber

Rechter zijschutter

KIA

George Petula

Linker zijschutter

KIA

John J. Kelly

Staartschutter

KIA

Alle bemanningsleden van B-24H 42-52123 ‘Thirty Day Furlough’ sneuvelden bij de crash. Zij werden op 13 januari 1944 begraven te Odoorn. Na de oorlog werd George Petula gerepatrieerd naar het Militaire Ereveld Margraten in Limburg en Roy D. Barber werd gerepatrieerd naar Oak Grove Cementery, Ratliff, Itawamba County, Mississippi, VS. De overige acht bemanningsleden werden allen gerepatrieerd waar zij in een gezamenlijk graf begraven werden op de Zachary Taylor National Cementery, Louisville, Jefferson County, Kentucky, VS

Rust in vrede.

De graven van de bemanningsleden

Het plaatsen van het Lost Wings informatiepaneel is in samenwerking mogelijk gemaakt door de Historische Vereniging Carspel Oderen.

Heeft u meer informatie over deze crash? Lever het aan!

Leave Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.