
Breng mij naar het informatiepaneel!
Op 25 juni 1943 stegen 275 B-17 Flying Fortresses op voor een bombardement op Hamburg. De bommenwerpers, relatief vroeg in het Amerikaanse bommenwerperoffensief tegen Duitsland, hadden geen escorte van Amerikaanse of Britse jagers. De bommenwerpers stonden er alleen voor. Door het slechte weer en dichte wolkendek waren de Amerikaanse bommenwerpers veelal niet in staat het doel te vinden. Het grootste deel, zo’n 167 bommenwerpers, besloot hierop een maritiem konvooi bij Wangerooge te bombarderen. De andere bommenwerpers keerden onverrichte zaken terug of bombardeerden andere gelegenheidsdoelen langs de Duitse Noordzeekust.
Als 67e missie van 303rd Bomb Group vlogen 25 B-17 Flying Fortresses op 25 juni 1943 mee. Eén van deze toestellen, wat toebehoorde aan 360th Bomb Squadron, betrof B-17F Flying Fortress 42-5390 ‘The Avenger’. Dit toestel en bemanning, die ditmaal vergezeld werden door een fotograaf om de missie vast te leggen, waren vroeg in de morgen opgestegen vanaf RAF Molesworth. Het toestel zette met een bommenlast van 10x500lbs HE (High Explosive) M43 bommen koers richting de scheeps- en onderzeebootwerven te Hamburg. De vaste navigator, First Lieutenant Nathan J. Rosenblum werd tijdens deze missie vervangen door Second Lieutenant Claude Marion Kieffer.
“Er was zware bewolking van Molesworth tot Duitsland. Condenstrepen en de volledige bewolking van 10/10 op 19.000 voet zorgden ervoor dat het zicht nihil was. Flak boven het eiland Norderney en Duitsland was zeer intens en zeer nauwkeurig. De tegenstand van jagers was zwaar met 60 tot 100 vijandelijke vliegtuigen die werden gezien.” Luidde de evaluatie van de missie.
Het slechte zicht zorgde ervoor dat tijdens een formatiedraai de 25 toestellen van 303rd Bomb Group elkaar kwijt raakten. B-17F 42-5390 ‘The Avenger’ was één van de toestellen die, nadat ze uit de wolken waren gekomen, opeens een groot deel van de andere toestellen kwijt was. Gelukkig zag de bemanning een groep bommenwerpers verder voor hen vliegen waar zij zich maar bij aansloten. Op dit moment vlogen de toestellen Duitsland via de noordwestelijke Noordzeekust binnen.
Voor meer informatie over de bemanning van B-17F 42-5390 ‘The Avenger’, klik op onderstaande uitvouwbare balk.
First Lieutenant Joseph Francis ‘Joe’ Palmer
Joseph Francis ‘Joe’ Palmer werd op 24 februari 1920 geboren als zoon van Frank Palmer en Mary Catherine Jennessee te Pittsburg, Pennsylvania. Joe had één oudere broer (Charles - 1917). De ouders van Joe waren Italiaanse immigranten, en bij aankomst in de Verenigde Staten werd de achternaam van Joe en zijn familie van Palmieri veranderd naar het Amerikaans klinkende Palmer.

Schoolfoto van Joe in 1936
Op zijn 16e rondde Joe zijn school af, waarna hij bedrijfskunde studeerde aan Duquesne University. Na het behalen van zijn diploma ging Joe werken bij Stratman accountantskantoor. Het duurde echter niet lang voordat Joe, als gevolg van de Japanse aanval op Pearl Harbor, zich op 19 december 1941 aanmeldde voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd Joe toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding tot piloot. Uiteindelijk kreeg hij identificatienummer 'O-791142'.
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Joe in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Joe en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Tijdens de laatste missie van Joe wist hij het toestel niet te verlaten en kwam bij de crash om het leven.
Second Lieutenant Robert McClellan Sheldon
Robert McClellan Sheldon werd geboren op 6 januari 1921 als zoon van John Eugene Sheldon en Gretta Hannah Anderson te Hammond, Indiana. Robert had één jongere broer. In 1930 verhuisde het gezin naar Omaha, Nebraska en in 1932 woonde het gezin in Milwaukee, Wisconsin.
Na zijn opleiding afgerond te hebben ging Robert werken bij de National Bank. Niet veel later meldde hij zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding tot (co-)piloot. Robert kreeg identificatienummer 'O-734143'.
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Robert in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Robert en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Tijdens de laatste missie van Robert wist hij het toestel niet te verlaten en kwam bij de crash om het leven.
Second Lieutenant Claude Marion Kieffer
Claude Marion Kieffer werd geboren op 24 oktober 1919 als zoon van Christian Orel Kieffer en Mabel May White te Paulding, Ohio. Claude had vier broers en zussen: Robert (1910), Doris (1912), Chester (1916) en Mable (1922).
Claude volgde zijn onderwijs aan Bryan High School en vervolgens aan Farmer High School. Na zijn opleiding afgerond te hebben ging Claude werken bij het US Weather Bureau te Spokane, Washington.
Op 1 juli 1941 meldde Claude zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding. Deze volgde Claude onder anderen bij 4 Squadron, 34th Group te Geiger Field, Washington. Ook Robert en Chester traden in dienst bij de strijdkrachten.

Krantenknipsel over het in dienst zijn van Chester, Claude en Robert Kieffer, 3 april 1944
Claude volgde een deel van zijn opleiding te Santa Ana, Californië, waar hij opgeleid werd tot bommenrichter. In een brief aan zijn ouders schreef Claude: "De jongens worden uit het leger of de burgermaatschappij gehaald en hierheen gebracht als cadetten. Voor een periode van maximaal negen weken hebben ze oefeningen, atletiek en een reeks cursussen die bekend staan als de pre-flight school. Het zijn opfriscursussen, maar ze zijn niet erg zwaar. Als ik hier wegga, moet ik nog 9 tot 12 weken trainen. In die tijd mag ik het bomvizier gebruiken en beginnen met vliegen. Het kan niet vroeg genoeg beginnen. Alle jongens hier lijken dezelfde mening te hebben - ze kunnen niet wachten om te gaan vechten. De mensen hier zijn geweldig. Ze behandelen ons als koningen in plaats van soldaten. Elk weekend hebben we een paar uur vrij en ze helpen ons er het beste van te maken."
Op 30 november 1942 trouwde Claude met Alice Elizabeth Brecken te Couer d'Alene, Idaho. Samen kregen zij één dochter (Jo Ellyn, 1946).
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Claude in de lente van 1943 naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group. Claude schreef in april 1943 aan zijn ouders: "Ik heb Londen bezocht en ben over de Lamberth Walk gelopen en heb Westminister Abbey gezien. Londen is best leuk, maar het is niet New York. Ze hebben het nogal zwaar gehad, denk ik. Ik zal blij zijn Amerika weer te zien!"
Tijdens de laatste missie van Claude wist hij tijdig het toestel te verlaten. Claude werd al snel gevangen genomen en zat de rest van de oorlog uit in Stalag VII-A. Hier werd hij op 29 april 1945 bevrijdt, maar voor hij terugkeerde maakte hij er het beste van en ondernam hij zijn eigen sightseeing-reis door Duitsland, waar hij meeliftte op vrachtwagens, auto's en vliegtuigen voor hij uiteindelijk terugkeerde naar Amerika.
Hier kwam hij in juli 1945 aan en bracht vervolgens een aantal weken door op Camp Kilmer. Hierna keerde Claude terug naar huis. In november 1945 werd Claude om onbekende redenen opgenomen in het AAF herstellingshospitaal. Hierna moest hij zich melden te Fort Wright. Hier werd Claude eervol ontslagen als First Lieutenant, onderscheiden met een Purple Heart en Air Medal met drie clusters.
Claude meldde zich echter meteen weer aan, ditmaal als Master Sergeant. Claude mocht uiteindelijk in maart 1946 zijn Purple Heart in ontvangst nemen.

Claude gebruikte zijn ervaring opgedaan bij het US Weather Bureau en ging werken als weervoorspeller bij het leger. Claude speelde een belangrijke rol tijdens de Berlijnse luchtbrug in 1948-1949 door het voorzien van accurate weersvoorspellingen aan de vliegtuigbemanningen. Vervolgens werd Claude voor 18 maanden uitgezonden naar Spanje en diende drie jaar bij het Air Research and Development Command te Massachusetts en Florida. Op 22 april 1957 werd Claude bevorderd tot Captain en overgeplaatst naar Stead Air Force Base te Reno, Nevada.
Claude kwam uiteindelijk op 8 maart 2010 te overlijden te Reedsburg, Wisconsin.
Sergeant Leonard Carl Appelquist
Leonard Carl Appelquist werd geboren op 18 oktober 1910 als zoon van Carl Anders Johan Appelquist en Anne Matilda Flygare te Dunnell, Minnesota. Leonard was de oudste van vier kinderen.
Leonard volgde zijn opleiding te Dunnell en Sherburn en verhuisde in 1931 naar Swea City waar hij een kruidenierswinkel opende. De winkel was een gezamenlijke onderneming van Leonard en zijn vader.
Op 16 oktober 1940 meldde Leonard zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding tot bommenrichter. Na het afronden van zijn opleiding vertrok Leonard in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Leonard en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Tijdens de laatste missie van Leonard wist hij tijdig het toestel te verlaten. Leonard werd al snel gevangen genomen en zat de rest van de oorlog uit in Stalag VII-A. Hier ontving Leonard elke twee maanden een doos met voorzieningen, opgestuurd door zijn familie. Dit op aandringen van hemzelf: "Nou, ik kan in ieder geval schrijven en jullie laten weten dat alles goed met me gaat, mijn gezondheid is goed en ik heb alleen een lichte snee in mijn gezicht. Gelukkig ben ik veilig. Ik hoop dat het thuis ook goed gaat. Maak je geen zorgen over mij, alles is OK nu. Ik kan niet vaak schrijven. Neem contact op met het Rode Kruis en zij zullen je een lijst geven van wat je me kunt sturen. Ik heb sigaretten, tandenborstel, ondergoed en sokken nodig. Het Britse Rode Kruis zorgt nu voor onze persoonlijke behoeften. Ze verdienen alle lof en meer dan ik ze ooit heb gegeven. Zeg tegen mijn vrienden dat ze moeten schrijven, ook al kan ik niet al hun brieven beantwoorden. Ik heb zeker een klein gebedje gezegd en God gedankt toen mijn parachute openging en ik veilig landde. Ik heb veel te danken aan de vooruitziende blik van een vriend, die ik zal uitleggen als ik je zie, wat hopelijk niet al te lang zal duren. Ik zal altijd aan je denken. Hou je kin omhoog en lach."

Papier met informatie over de 'buddies' van Leonard gedurende zijn verblijf in Stalag VII-A
Na zijn bevrijding keerde Leonard op 17 juni 1945 terug naar Amerika waar hij op 8 juli 1945 trouwde met Helen Moklestad. Het tweetal kreeg twee kinderen.

Helen en Leonard Appelquist op hun trouwdag
Leonard ging weer werken de winkel die hij met zijn vader gestart was. Hier werkte Leonard tot zijn dood in 1971. Leonard was lid van de American Legion, Lions Club, Swea City Commercial Club, een vrijwillige brandweerman voor zo'n 20 jaar, werknemen van de stad voor zo'n twee jaar en lid van de Immanuel Lutheran Church.
Technical Sergeant Edmund ‘Ed’ Gullage Jr.
Edmund ‘Ed’ Gullage Jr. werd geboren op 19 mei 1905 als zoon van Edmund Gullage Sr. en LeEtta Mae Ford te Hartford, Connecticut.
Ed verhuisde naar New York, waar hij ging werken bij Reilly Electrotype Co. Op 16 oktober 1940 meldde Ed zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten en kon hij beginnen aan zijn opleiding.
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Ed in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Ed en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Tijdens de laatste missie van Ed wist hij het toestel niet te verlaten en kwam bij de crash om het leven.
Ed werd onderscheiden met een Purple Heart en Air Medal met Oak Leaf Cluster.
Technical Sergeant Elmer Elsworth Duffey
Elmer Elsworth Duffey werd geboren op 29 juni 1918 als zoon van George Elsworth Duffey en Abbie Gale Sturdivan te Menlo, Kansas. Elmer was één van vijf kinderen: Ida (1905), Clyde (1909), Ethel (1912) en Dorothy (1926).
Op 16 oktober 1940 meldde Elmer zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen met zijn opleiding.
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Elmer in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Elmer en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Tijdens de laatste missie van Elmer wist hij het toestel niet te verlaten en kwam bij de crash om het leven.
Elmer werd onderscheiden met een Purple Heart en Air Medal met Oak Leaf Cluster. Deze werden in januari 1944 overhandigd aan de vader van Elmer.

Staff Sergeant Burl M. Owen
Burl M. Owen werd geboren op 14 april 1923 als zoon van William Alvin Owen en Thelma Mae Owen te Young, Texas. Burl had twee broers.
Na het afronden van zijn basisopleiding volgde Burl nog drie jaar onderwijs aan Texas Abilene High School.

De klassenfoto van Burl (voorste rij, eerste van links), Texas Abilene High School 1941
Na zijn onderwijs ging Burl werken in de olieproductie, en op 18 juni 1942 meldde Burl zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding.
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Burl in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Burl en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Tijdens de laatste missie van Burl wist hij het toestel niet te verlaten en kwam bij de crash om het leven.
Burl werd onderscheiden met een Purple Heart en Air Medal met twee Oak Leaf Clusters. Deze werden in oktober 1943 overhandigd aan de nabestaanden.

Staff Sergeant Norman E. Hornbacher
Norman E. Hornbacher werd geboren in 1916 als zoon van John Hornbacher Jr. en Louise A. Jahr te Michigan. Norman was de jongste van tien kinderen: Walter (1899), Bernard (1901), Paul (1903), John, (1905), Meta (1907), Richard (1909), Herbert (1911), Hannah (1912) en Edna (1914).
Op 7 januari 1942 meldde Norman zich aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding. Norman volgde zijn opleiding in de Canal Zone, Guatemala, Panama, Florida, New Jersey en Mississippi (303 School Squadron, Flight 80).
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Norman in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Norman en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Gedurende zijn opleiding en detachering in Engeland stuurde Norman meer dan 230 brieven naar zijn familie. De laatste werd op 5 juli 1943 ontvangen, gedateerd 23 juni 'ergens in Engeland'.
Tijdens de laatste missie van Norman wist hij het toestel niet te verlaten en kwam bij de crash om het leven.
Na het ontvangen van het nieuws dat Norman omgekomen was werd er een herdenkingsdienst georganiseerd door zijn nabestaanden. Deze dienst werd door meer van 500 mensen bezocht.

Staff Sergeant Samuel Albert Holder Jr.
Samuel Albert Holder Jr. werd geboren op 21 september 1922 als zoon van Samuel Albert Holder en Mae Eileen Butler te Mesilla Park, New Mexico. Samuel was de oudste van vier kinderen.
Samuel volgde zijn onderwijs aan Mesilla Park, waar hij acht jaar te vinden was. Vervolgens volgde Samuel een vierjarige opleiding aan Las Cruces Union High School en na hier zijn diploma gehaald te hebben meldde Samuel zich aan voor de opleiding tot Aircraft Mechanics Instructor aan de State College van New Mexico. Deze opleiding deed Samuel zo'n negen maanden.

Samuel in 1942, tijdens zijn opleiding aan Las Cruces Union High School
Op 6 juni 1942 meldde Samuel zich te Phoenix, Arizona aan voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten waarna hij kon beginnen aan zijn opleiding. Deze volgde Samuel te Sheppard Field, Texas, Las Vegas, Walla Walla en Washington.
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Samuel in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Samuel en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Tijdens de laatste missie van Samuel wist hij het toestel niet te verlaten en kwam bij de crash om het leven.
Samuel werd onderscheiden met een Purple Heart en Air Medal met Oak Leaf Cluster.

De rouwkaart van Samuel
Staff Sergeant Alva Earl Hodges
Alva Earl Hodges werd geboren op 1 februari 1919 als zoon van Johnathan Thomas Hodges en Martha Eller Heath te Boone, Colorado. Alva was één van dertien kinderen: Ida (1898), Willie (1901), Ruth (1901), Roy (1903), John (1905), Jennifer (1906), Theodore (1908), Wava (1909), Bell (1910), Jessie (1912), Ira (1913) en Pauline (1914).

Alva in zijn jonge jaren
Na zijn opleiding afgerond te hebben ging Alva werken bij The Colorado Fuel and Iron Corporation. Hier werkte hij van 18 februari 1941 tot 15 juni 1942 en raakte hij tweemaal gewond. Op 9 mei 1942 trouwde Alva met Charleen Mae Draper te Raton, New Mexico. Samen kregen zij drie kinderen.
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Alva in de winter van 1942 met zijn bemanning in hun B-17 bommenwerper naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 360th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vlogen Alva en zijn bemanning in totaal 11 missies.
Tijdens de laatste missie van Alva wist hij tijdig het toestel te verlaten. Hij werd al snel gevangen genomen en zat de rest van de oorlog uit in Stalag XVII. Na zijn bevrijding keerde Alva terug naar Amerika, waar hij ging werken bij Santa Fe Railroad. Hier werkte hij tot 1981, waarna hij met pensioen ging. Alva was lid van de Fraternal Order of Elks en kwam op 4 november 1999 te overlijden.
Staff Sergeant James Lenwood 'Jim' Stringer
James Lenwood 'Jim' Stringer werd geboren op 15 januari 1924 als zoon van Marvin Lee Stringer en Elsie Ethel te Gilbert, Virginia.
Jim volgde zijn onderwijs aan Gilbert High School, waarna hij zich aanmeldde voor bij de Amerikaanse luchtmacht. Hier werd hij toegelaten en kon hij beginnen aan zijn opleiding.
Na het afronden van zijn opleiding vertrok Jim naar Engeland. Hier werd hij toebedeeld aan 427th Bomb Squadron, 303rd Bomb Group, hier vloog hij een onbekend aantal missies als fotograaf en boordschutter.
Tijdens de laatste missie van Jim wist hij tijdig het toestel te verlaten. Jim werd al snel gevangen genomen en zat de rest van de oorlog uit in Stalag II-A. Na zijn bevrijding keerde Jim terug naar Amerika waar hij trouwde met Joy Lee Sturgill. Het tweetal kreeg vier kindern. Jim ging werken als mijnwerker, maar na een ernstig ongeluk in de mijnen herstelde hij en werd hij buschauffeur voor de Blue Ribbon Bus Lines in Ashland, Kentucky. Later ging hij werken bij de ARMCO Steel Company in Ashland als kraanmachinist. Terwijl hij daar werkte kocht hij een kleine boerderij in het Oak Hill gebied en ging niet veel later met pensioen bij ARMCO.
Jim kwam op 5 april 2013 te overlijden in het VA medisch centrum in Chillicothe Ohio.
Het graf van Jim
Het duurde niet veel lang voor Duitse jagers werden waargenomen, en wat volgde was een intens luchtgevecht. “De jagers schoten eerst onze No.2 motor kapot en daarna No.3. De vlammen van onze No.3 motor sloegen terug het bommenruim in en zetten daar de brandstofleidingen in brand. Ed Gullage, onze radiotelegrafist, riep de piloot op en vertelde over de brand maar Joe nam niet op. Ik riep toen en kreeg ook geen antwoord, dus ging ik naar het compartiment van de piloot. Net toen ik dat deed, maakte het vliegtuig een oncontroleerbare duikvlucht en op ongeveer 18.000 voet brak de staart af en sloeg het vliegtuig om. Hodges, Appelquist en Stringer sprongen eruit op 10.000 voet en ik verliet het toestel op ongeveer 2.000 voet. We hadden allemaal pijn, blauwe plekken en schrammen en werden meteen gevangen genomen. We werden naar een lokaal Duits hoofdkwartier gebracht en daar vertelden ze ons dat er zeven lichamen in de crash waren gevonden. We mochten niets van het wrak zien en meer vertelden ze niet. We waren allemaal zo verdoofd en geschokt door alles, dat het slechte nieuws nauwelijks tot ons doordrong. We konden gewoon niet geloven dat ze weg waren.” Vertelde navigator Second Lieutenant Claude Marion Kieffer na de oorlog.

Vermoedelijk werd B-17F 42-5390 ‘The Avenger’ neergeschoten door Hauptmann Emil Rudolf Schnoor van de Stab I. Gruppe, Jagdgeschwader 26 (Stab I./JG 26). Hij claimde om 09:10 uur het neerschieten van een ‘Fortress‘ in Raum DP (hiernaast geplot op de Raum-kaart en Google Maps) op een hoogte van 7000 meter als zijn tiende ‘Abschuß‘. De crashlocatie van B-17F 42-5390 ‘The Avenger’ is aangegeven met het sterretje op de onderste kaart.
Gezien de chaos in de lucht en de vele toestellen die in een korte tijd neerstortten, is dit echter niet met 100% zekerheid te zeggen.
Op de grond werd het gebeuren ook waargenomen. Men zag hoe het toestel uit de richting van Emden naderde terwijl het nog door verscheidende Duitse jagers werd bestookt. Boven Termunten kwamen er allerlei stukken van het toestel naar beneden. Volgens ooggetuigen cirkelden, al schietend, drie of vier jagers om de langzaam dalende bommenwerper. Tot op het allerlaatste moment bleven ook de boordschutters op de Duitse jagers vuren. Boven Borgsweer zwenkte het toestel laag boven de grond heen en weer. Cirkelend en dwarrelend zakte het toestel steeds verder omlaag.
Toen het toestel een paar honderd meter voorbij Borgsweer was, hoorde men een hevige knal. Het toestel was geëxplodeerd waardoor het neusgedeelte van de rest gescheiden raakte. Tenslotte stortte het toestel, niet meer dan een wrak, neer op het land waar het brandend bleef liggen. Het neusgedeelte kwam enkele honderden meters vandaar terecht.

Duitse melding over het neerstorten van B-17F 42-5390 ‘The Avenger’
Bron: Bundesarchiv RW_17_145_0088
De vier bemanningsleden die zich met hun parachute wisten te redden kwamen allen rond Termunten neer. Zij werden al snel gevangen genomen. De lichamen van de gesneuvelde bemanningsleden werden geborgen door de Duitse instanties en te Borgsweer begraven.
Laten we de herinnering levendig houden aan deze gebeurtenis en First Lieutenant Joseph Francis ‘Joe’ Palmer, Second Lieutenant Robert McClellan Sheldon, Second Lieutenant Claude Marion Kieffer, Sergeant Leonard Carl Appelquist, Technical Sergeant Edmund ‘Ed’ Gullage Jr., Technical Sergeant Elmer Elsworth Duffey, Staff Sergeant Burl M. Owen, Staff Sergeant Norman E. Hornbacher, Staff Sergeant Samuel Albert Holder Jr., Staff Sergeant Alva Earl Hodges en Staff Sergeant James Lenwood ‘Jim’ Stringer.

Joseph F. Palmer
Piloot
KIA

Robert M. Sheldon
Co-piloot
KIA

Claude M. Kieffer
Navigator
POW

Leonard C. Appelquist
Bommenrichter
POW

Edmund Gullage Jr.
Radiotelegrafist
KIA

Elmer E. Duffey
Boordwerktuigkundige
KIA

Burl M. Owen
Buikkoepelschutter
KIA

Norman E. Hornbacher
Rechter zijschutter
KIA

Samuel A. Holder Jr.
Linker zijschutter
KIA

Alva E. Hodges
Staartschutter
POW

James L. Stringer
Fotograaf
POW
De gesneuvelde bemanningsleden van B-17F 42-5390 ‘The Avenger’ werden tijdelijk met militaire eer begraven op de begraafplaats te Borgsweer. Vooraf ging een kerkdienst in het Hervormde Kerkje van Borgsweer op het kleine kerkhof. De belangstelling van de bevolking was groot, die een krans namens hen allen plaatste. De gesneuvelde bemanningsleden werden na de oorlog gerepatrieerd naar het Militaire Ereveld Margraten.
Rust in vrede.







De graven van de gesneuvelde bemanningsleden
Heeft u meer informatie over deze crash? Lever het aan!
Bronnen:
- Archief Stichting Luchtoorlog Onderzoek Drenthe
- Nabestaanden Leonard Appelquist en James Stringer
- Day Fighters in the Defence of the Reich, a War Diary, 1942-45 – Donald Caldwell
- Sporen aan de Hemel – Ab Jansen
- http://www.303rdbg.com/
- www.findagrave.com
