
Breng mij naar het informatiepaneel!
Op 22 december 1943 lanceerde de Amerikaanse luchtmacht voor de laatste keer in 1943 een dagaanval. Deze keer waren Osnabrück en Münster het doel. In totaal stegen 574 Amerikaanse bommenwerpers op, die begeleid werden door 26 P-38 Lightnings, 418 P-47 Thunderbolts en 47 P-51 Mustangs. De Amerikaanse toestellen werden beperkt door het slechte weer en dichte wolkendek boven het continent, waardoor uiteindelijk ‘maar’ 434 bommenwerpers boven hun doel verschenen. Als reactie stuurde de Luftwaffe zeven Jagdgeschwadern (de drie Gruppe van Jagdgeschwader 1, twee Gruppe van Jagdgeschwader 11, de II. Gruppe van Jagdgeschwader 3, III. Gruppe van Jagdgeschwader 26 en III. Gruppe van Jagdgeschwader 54) en drie Zerstörergeschwadern (de drie Gruppe van Zerstörergeschwader 26) de lucht in.
Als onderdeel van de Duitse luchtverdediging stegen om 13:21 uur ook de Fw 190A en Bf 109Gs van II. Gruppe, Jagdgeschwader 11 op vanaf vliegbasis Wunstorf. Eén van de toestellen, Bf 109G-6 Wnr. 19809, werd gevlogen door de Staffelkapitän van 6. Staffel, Hauptmann Egon Falkensammer.

Hauptmann Egon Falkensammer (derde van links) als Staffelkapitän van 6. Staffel, Jagdgeschwader 11, voorjaar 1943 te Jever
Voor meer informatie over Egon Falkensammer, klik op onderstaande uitvouwbare balk.
Hauptmann Egon Carl Gunther Falkensammer
Egon Carl Gunther Falkensammer werd geboren op 26 februari 1913 als zoon van Karl Falkensammer en Rosa Bislinger te Linz, Oostenrijk. Egon had één oudere zus (Erika).
Egon volgde zijn opleiding aan het Gymnasium te Linz. Na het afronden hiervan meldde hij zich aan voor bij de Luftwaffe. Hier werd hij toegelaten en werd opgeleid als officier vlieger. Egon kreeg uiteindelijk identificatienummer 'B65152/18'. Na zijn opleiding voltooid te hebben werd Egon als Leutnant toebedeeld aan 2. Staffel, Jagdgeschwader 51. Hier vloog hij als piloot van een Bf 109E in mei 1940 boven west Europa tijdens de Duitse Blitzkrieg. Hier wist Egon zijn eerste overwinningen te behalen.
Tijdens een missie in het kader van de inval van Frankrijk werd Egon in zijn Bf 109E op 5 mei 1940 neergeschoten nabij Le Cateau. Egon wist zijn toestel succesvol te verlaten maar werd al snel gevangen genomen door Franse troepen. Egon mocht zich maar kort krijgsgevangene noemen, want met de Duitse opmars werd hij al snel weer bevrijdt en op 15 mei 1940 opgenomen door het Feldlazarett 187/mot. te Parijs Val de Graze. Hier werd hij opgenomen met een schotwond aan zijn rechter onderbeen. Op 21 mei werd Egon overgebracht naar Reserve Lazarett te Heilbronn. Hier werd genoteerd dat Egon verwondingen aan zijn gezicht, keel, rechter hand en rechter dijbeen had opgelopen als gevolg van granaatsplinters. Op 5 september 1940 werd Egon vervolgens overgeplaatst naar Reserve Lazarett 5 te Breslau, waar hij op 12 september arriveerde. Hier herstelde Egon van zijn verwondingen waarna hij op 6 november 1940 weer gereed voor dienst werd verklaard en naar Jagdgeschwader 51 werd overgeplaatst.
Op 17 oktober 1940 werd Egon naar Luftwaffen-Lazarett te Wenen gestuurd met chronische tonsillitis. Tien dagen later werd Egon weer gereed voor dienst verklaard.
Op 14 december 1940 trouwde Egon met Hildegard Hermann. Het tweetal blijft kinderloos.
Ter voorbereiding van Operatie Barbarossa, de Duitse inval van Rusland, werd Egon overgeplaatst naar 12. Staffel, Jagdgeschwader 51 en ingezet aan het oostfront. Ook hier wist Egon een aantal overwinningen te halen.
Vervolgens werd Egon in 1943 overgeplaatst naar 3. Staffel, Jagdgeschwader 1 waar hij met een Fw 190 weer boven het westfront vloog. Ook hier wist Egon een overwinning te behalen, waarna hij in april 1943 overgeplaatst werd naar Jagdgeschwader 11. Hier werd Egon niet veel later benoemd tot Staffelkapitän van de 6. Staffel en wist hij wederom enige overwinningen te behalen.

Egon, derde van links, na zijn benoeming tot Staffelkapitän
Zover bekend wist Egon negen overwinningen te behalen:
22 mei 1940: Hurricane, bij St. Omer
23 mei 1940: Blenheim, bij Arras
15 december 1941: LaGG-3
21 januari 1942: Pe-2
27 januari 1942: I-18
5 augustus 1942: Pe-2
30 januari 1943: Wellington, 10 kilometer ten noordwesten van Helgoland (dit betreft hoogstwaarschijnlijk Wellington Mk.III Z1680 OW-R. Alle zes bemanningsleden kwamen om het leven, waarvan drie gevonden werden of aanspoelden en begraven werden te Esbjerg, Denenmarken. De andere drie bemanningsleden zijn vermist en worden herdacht op het Runnymede Memorial)
14 mei 1943: B-24
19 mei 1943: B-17
Op 21 augustus 1943 werd Egon zonder bekende reden overgeplaatst naar Luftwaffe Lazarett te Wenen, waarna hij op 28 september weer gereed voor dienst werd verklaard. Hierop werd Egon via Lager Kommando CVII Abt. II b naar Sammelgruppe Dortmund gestuurd.
Het duurde echter niet lang voor Egon weer opgenomen werd: op 18 november 1943 werd Egon overgeplaatst naar Luftwaffe Lazarett Wenen XIX in verband met de diagnose gonorroe. Op 26 november 1943 werd Egon weer gereed voor dienst verklaard en via Lager Kommando XVII I b weer toebedeeld aan zijn eenheid.
Tijdens zijn laatste missie was Egon niet in staat zijn toestel veilig te verlaten en kwam bij de crash om het leven.

Egon wordt herdacht op het Leopold-Falkensammer familiegraf
Rond 14:00 uur kwamen de toestellen van JG 1 en JG 11 in contact met een aantal bommenwerperformaties die op weg waren naar hun doel Osnabrück. De formatie, die vooral uit B-24 Liberators bestond, werd beschermd door vele escortejagers. Het luchtgevecht duurde lang en aan beide kanten werden er verliezen geleden.
Boven het Nederlands-Duits grensgebied aangekomen, was het luchtgevecht nog steeds aan de gang. De Duitse jagers voerden onafgebroken aanvallen uit op de Amerikaanse toestellen, waarvan een deel uit nood haar bommen afwierp:
“Op den twee en twintigsten December negentienhonderd drie en veertig, omstreeks 14:30 uur, heb ik Geert Joling, hoofdwachtmeester der marechaussee, behorende tot opgemelde groep en post waargenomen dat, uit een aantal boven de gemeente Anloo vliegende vliegtuigen bommen vielen.
Bij nader door de marechaussee van gemelde post ingesteld onderzoek, is ons gebleken dat er te Schipborg, Annerstreek en Annermoeras, gelegen binnen de gemeente Anloo, naar schatting ongeveer 150 bommen waren gevallen, welke grote bomtrechters hadden veroorzaakt.
Op verschillende plaatsen zijn aan verscheidene woningen grote schade aangericht, doordat glasruiten van die woningen zijn vernield, benevens de op die woningen liggende dakpannen. De kabels van de electrische hoogspanning (Groningen-Gasselternijveen) waren op verschillende plaatsen in de gemeente Anloo vernield. Eveneens was een bom gevallen op de zogenaamde dijk (waterkering) gelegen te Annen, gemeente Anloo en stroomde het water met grote snelheid uit het Annerkanaal in de lager gelegen polderlanden.
Onmiddellijk is hierop door ons den Heer Burgemeester der gemeente Anloo en den Heer L.P. Bos, Hoofd van de Luchtbeschermingsdienst der gemeente Anloo met het vorenstaande in kennis gesteld, waarna door personeel van de luchtbeschermingsdienst der gemeente Anloo onmiddellijk maatregelen zijn getroffen ter voorkoming van gevaar.
Persoonlijke ongevallen hebben in deze gemeente niet plaatsgevonden.
Hiervan is door mij, opgemaakt dit proces verbaal op den eed bij den aanvang mijner bediening afgelegd en overgegeven aan het Hoofd van de Luchtbeschermingsdienst in de gemeente Anloo, ter verzending aan het Rijksinspectie voor de Luchtbescherming te ’s Gravenhage.“
Niet veel later stortte er ook een vliegtuig neer bij Anderen. Dit toestel, gevlogen door Hauptmann Egon Falkensammer, was hoogstwaarschijnlijk aangeschoten door afweervuur van de Amerikaanse bommenwerpers, waarna het “met veel lawaai over het dorp [Eext] vloog“:
“Op Woensdag den 22sten December negentien honderd en drie en veertig te omstreeks 15:00 uur werd mij Everhardus Bos, opperwachtmeester de marechaussee, tevens onbezoldigd rijksveldwachter, behorende tot opgemelde groep en post medegedeeld, dat er te Eext onder de gemeente Anloo een vliegtuig was neergestort.
Ik heb ter plaatse onmiddellijk een onderzoek ingesteld, waarbij mij bleek, dat in een perceel bouwland gelegen aan het rijwielpad van Eext naar Anderen ongeveer 2 K.M. ten zuiden van Eext onder de gemeente Anloo een vermoedelijk Duitsch jachtvliegtuig was neergestort.
Van het toestel, hetwelk in de grond was geslagen en bij mijn komst nog brandde, zijn slechts enkele verwrongen resten overgebleven. In de onmiddellijke nabijheid van het vernielde toestel werden door mij enige resten van ingewanden aangetroffen vermoedelijk afkomstig van den piloot van het toestel.
Persoonlijke ongelukken of schade aan eigendommen van derden hebben zich niet voorgedaan.
Te omstreeks 17:30 uur is de bewaking van de resten van het toestel door enige leden van de Duitsche Weermacht overgenomen. De Burgemeester als mede het Hoofd van de Luchtbeschermingsdienst in de gemeente Anloo zijn door mij verbalisant telefonisch van een en ander op de hoogte gesteld.
Hiervan is door mij opgemaakt dit proces verbaal op den eed bij den aanvang mijner bediening afgelegd en door gegeven aan het Hoofd van de Luchtbeschermingsdienst in de gemeente Anloo, ter verzending aan de Rijksinspectie voor de Luchtbescherming te ’s Gravenhage.“
Op 22 december 1943 stortten er nog meer vliegtuigen neer in Drenthe. Een aantal hiervan zijn door Stichting Luchtoorlog Onderzoek Drenthe voorzien van een Lost Wings informatiepaneel. Zie het kaartje voor de andere crashes:
Klik hier voor meer informatie!

Klik hier voor meer informatie!

Klik hier voor meer informatie!

Egon Falkensammer was niet meer in staat om het neerstortende toestel veilig te verlaten en kwam bij de crash om het leven.
Laten we de herinnering levendig houden aan deze gebeurtenis en Hauptmann Egon Carl Gunther Falkensammer.

Egon C.G. Falkensammer
Piloot
KIA
De piloot van Bf 109G-6 Wnr. 19809, Egon Falkensammer, werd begraven op te Leeuwarden en werd na de oorlog gerepatrieerd naar Ysselsteyn.
Rust in vrede.

De graf van Egon Falkensammer te Ysselsteyn
Heeft u meer informatie over deze crash? Lever het aan!
Bronnen:
- Archief Stichting Luchtoorlog Onderzoek Drenthe
- Archief Historische Vereniging Annen
- Einsatz in der Reichsverteidigung von 1939 bis 1945, Jagdgeschwader 1 und 11 (Teil 1) – Jochen Prien & Peter Rodeike
- Day Fighters in the Defence of the Reich, a War Diary, 1942-45 – Donald Caldwell
- Sporen aan de Hemel – Ab Jansen

Dit Lost Wings informatiepaneel is mogelijk gemaakt door financiële steun van Provincie Drenthe en het V-fonds.
